Bibliografie
Microbiologische aspecten van menselijke mandibulaire subperiostale tandimplantaten
- 28 december 2013
- Geplaatst door: anjaform
- Categorie: Complicaties
Thomas E Rams, Burton E Balkin, Thomas W Roberts, Arthur K Molzan
Full text link : https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/21767207/
Microbiologische aspecten van menselijke mandibulaire subperiostale tandimplantaten
1. Wetenschappelijke referentie
- Titel van de studie: Microbiologische aspecten van menselijke mandibulaire subperiostale tandimplantaten
- Auteurs: Thomas E. Rams, Burton E. Balkin, Thomas W. Roberts, Arthur K. Molzan
- Wetenschappelijk tijdschrift: Journal of Oral Implantology
- Jaar van publicatie: 2013
- DOI: 10.1563/AAID-JOI-D-11-00023
2. Wetenschappelijke achtergrond
Mandibulaire subperiostale implantaten vormen een historische therapeutische optie voor patiënten met ernstige mandibulaire atrofie en volledige tandeloosheid. Hoewel het gebruik ervan minder frequent is geworden door de ontwikkeling van moderne endossale implantaten, blijven sommige van deze implantaten gedurende vele jaren functioneel bij bepaalde patiënten.
Een van de belangrijkste uitdagingen die met deze rehabilitaties gepaard gaan, betreft het optreden van infectieuze complicaties rond de transmucosale pijlers. Deze ontstekingslaesies, die vaak worden vergeleken met het concept van peri-implantitis zoals waargenomen rond endossale implantaten, kunnen leiden tot een progressieve achteruitgang van de peri-implantaire weefsels en in sommige gevallen tot verwijdering van het implantaat.
Ondanks het klinische belang van deze biologische complicaties waren er slechts beperkte microbiologische gegevens beschikbaar over subperiostale implantaten. Deze studie werd uitgevoerd in het kader van onderzoek naar een beter begrip van de rol van bacteriële biofilm bij het behoud van peri-implantaire gezondheid of bij de ontwikkeling van infecties die verband houden met dit specifieke type implantologische rehabilitatie.
3. Doel van de studie
Het primaire doel van de auteurs was het vergelijken van de klinische, microbiologische en biologische kenmerken van mandibulaire subperiostale implantaten die getroffen waren door peri-implantitis met die van subperiostale implantaten die op lange termijn klinisch stabiel bleven en peri-implantaire gezondheid vertoonden.
De studie had in het bijzonder tot doel mogelijke verschillen te identificeren in de samenstelling van de submucosale microbiota en in bepaalde ontstekingsmarkers die verband houden met de klinische toestand van de implantaten.
4. Methodologie
Dit onderzoek betreft een observationele klinische studie met microbiologische en biochemische analyses.
Elf algemeen gezonde volwassenen met volledige mandibulaire subperiostale implantaten werden geïncludeerd. Drie patiënten vertoonden peri-implantitislaesies, terwijl acht patiënten langdurige peri-implantaire stabiliteit vertoonden. De implantaten waren, afhankelijk van de onderzochte personen, ongeveer 10 tot 22 jaar in functie.
De auteurs voerden klinische evaluaties uit, waaronder plaque-index, gingivale index, sondeerdiepte, bloeding bij sonderen en suppuratie. Vervolgens werden submucosale microbiologische monsters geanalyseerd door middel van bacteriële kweek om verschillende soorten te identificeren die geassocieerd zijn met parodontale en peri-implantaire aandoeningen. Daarnaast werd een analyse van interleukine-1β (IL-1β) in peri-implantaire sulcusvloeistof uitgevoerd bij een subgroep van vijf patiënten.
5. Belangrijkste resultaten
Implantaten die getroffen waren door peri-implantitis vertoonden significant hogere plaque- en gingivale indexscores dan klinisch gezonde implantaten. Suppuratie en bloeding bij sonderen werden waargenomen op alle aangetaste locaties, met een gemiddelde sondeerdiepte van 6,6 mm.
Vanuit microbiologisch oogpunt observeerden de auteurs een aanzienlijk hogere anaerobe bacteriële belasting bij implantaten met peri-implantitis. Soorten behorend tot het rode complex, in het bijzonder Porphyromonas gingivalis en Tannerella forsythia, werden uitsluitend of voornamelijk aangetroffen in peri-implantaire laesies. Verschillende bacteriën van het oranje complex, zoals Prevotella intermedia/nigrescens, Parvimonas micra en Campylobacter rectus, werden eveneens vaker aangetroffen bij aangetaste implantaten.
Daarentegen werden implantaten met langdurige peri-implantaire gezondheid vaker gekoloniseerd door viridans-streptokokken en Actinomyces-soorten, die als beter verenigbaar met een evenwichtige microbiota worden beschouwd. Daarnaast werd een tendens waargenomen naar hogere IL-1β-concentraties bij gevallen van peri-implantitis.
6. Klinische analyse
Deze studie levert waardevolle informatie over een relatief weinig gedocumenteerd domein binnen de dentale implantologie. Ondanks de belangrijke structurele verschillen tussen subperiostale implantaten en moderne endossale implantaten vertonen de microbiologische profielen die tijdens peri-implantitisepisoden werden waargenomen opmerkelijke overeenkomsten met die welke zijn beschreven rond conventionele implantaten met peri-implantaire ontsteking.
De resultaten suggereren dat de samenstelling van de bacteriële biofilm een belangrijke rol kan spelen in de klinische evolutie van subperiostale implantaten. Een hoge prevalentie van anaerobe bacteriën die bekend staan om hun betrokkenheid bij parodontale aandoeningen werd geassocieerd met situaties van verlies van weefselstabiliteit, terwijl een flora gedomineerd door soorten die verenigbaar zijn met orale gezondheid werd waargenomen in langdurig stabiele gevallen.
Voor clinici die verantwoordelijk zijn voor de opvolging van tandeloze patiënten die werden gerehabiliteerd met subperiostale implantaten, benadrukken deze gegevens het belang van plaquecontrole en peri-implantaire onderhoudszorg. Zij suggereren eveneens dat microbiologische analyses kunnen bijdragen aan een beter begrip van bepaalde laattijdige biologische complicaties.
Toch moeten de resultaten met voorzichtigheid worden geïnterpreteerd. De studie is gebaseerd op een zeer beperkt aantal patiënten en het cross-sectionele ontwerp laat niet toe een oorzakelijk verband vast te stellen tussen de waargenomen bacteriële samenstelling en de ontwikkeling van peri-implantitis. De bevindingen beschrijven een associatie, maar bewijzen niet dat deze micro-organismen de enige oorzaak van de aandoening zijn.
7. Klinische toepassingen
De gepresenteerde gegevens kunnen relevant zijn voor zorgverleners die verantwoordelijk zijn voor de langetermijnopvolging van patiënten met mandibulaire subperiostale implantaten, in het bijzonder in situaties van ernstige botatrofie waarbij dit type rehabilitatie historisch werd toegepast.
Deze studie benadrukt het belang van regelmatige monitoring van peri-implantaire weefsels, controle van supragingivale biofilm en vroege detectie van ontstekingsverschijnselen. De resultaten kunnen eveneens bijdragen aan discussies over het gebruik van microbiologische benaderingen bij de evaluatie van biologische implantaatcomplicaties.
Tot slot onderstrepen deze observaties het belang van implantaatonderhoudsprotocollen bij complexe implantaatgedragen rehabilitaties van volledig tandeloze patiënten.
8. Evidentieniveau, beperkingen en transparantie
Deze publicatie betreft een kleinschalige observationele klinische studie gecombineerd met microbiologische en biochemische analyses.
Het evidentieniveau moet als beperkt worden beschouwd vanwege het geringe aantal deelnemers (11 patiënten in totaal, waarvan slechts 3 met peri-implantitis). De auteurs erkennen eveneens dat het exclusieve gebruik van bacteriële kweekmethoden een beperking vormt, aangezien sommige soorten mogelijk niet met deze methode kunnen worden gedetecteerd. Bovendien laat het cross-sectionele ontwerp van de studie niet toe een oorzaak-gevolgrelatie aan te tonen.
Wat transparantie betreft, worden in de beschikbare informatie geen belangenconflicten vermeld. De auteurs geven aan dat het onderzoek werd ondersteund door de Paul H. Keyes Professorship in Periodontology van de Temple University School of Dentistry.
9. Kernpunten van de studie
- Studietype: Observationele klinische studie met microbiologische en biochemische analyses.
- Evidentieniveau: Laag tot matig.
- Geanalyseerde populatie: 11 volwassenen met mandibulaire subperiostale implantaten.
- Aantal patiënten: 11.
- Aantal implantaten: Niet gespecificeerd in de beschikbare informatie.
- Duur van de opvolging: Implantaten waren ongeveer 9 tot 22 jaar in functie, afhankelijk van de patiënt.
- Primair geëvalueerd criterium: Relatie tussen de peri-implantaire klinische toestand en de submucosale microbiota.
- Belangrijkste resultaat: Implantaten met peri-implantitis vertoonden een hogere bacteriële belasting en een grotere prevalentie van soorten die geassocieerd zijn met parodontale aandoeningen.
- Wetenschappelijke conclusie: De samenstelling van het peri-implantaire microbioom en plaquecontrole lijken verband te houden met de klinische toestand van mandibulaire subperiostale implantaten.
- Mogelijke beperkingen: Kleine steekproefomvang, cross-sectioneel ontwerp en bacteriële identificatie hoofdzakelijk gebaseerd op kweekmethoden.
10. Wetenschappelijke impact
Deze studie neemt een bijzondere plaats in binnen de literatuur vanwege het beperkte aantal onderzoeken dat specifiek gericht is op mandibulaire subperiostale implantaten en hun biologische complicaties. Zij levert originele microbiologische gegevens die bijdragen aan het karakteriseren van bacteriële omgevingen die geassocieerd zijn met gezondheid of ziekte rond deze implantaten.
Naast de specifieke context van subperiostale implantaten versterken de gerapporteerde observaties het concept dat bepaalde microbiologische kenmerken die rond endossale implantaten worden waargenomen, ook aanwezig kunnen zijn in andere implantaatsystemen. De studie draagt daardoor bij aan de integratie van kennis uit de parodontologie en implantologie.
Hoewel de reikwijdte beperkt blijft door de kleine steekproefomvang, opent dit werk perspectieven voor grotere studies die gebruikmaken van moderne microbiologische technieken om de biologische mechanismen die betrokken zijn bij peri-implantaire complicaties van complexe rehabilitaties bij tandeloze patiënten beter te begrijpen.
11. Redactionele conclusie
Deze studie toont een verband aan tussen de klinische toestand van mandibulaire subperiostale implantaten en de samenstelling van de peri-implantaire microbiota. Implantaten die getroffen zijn door peri-implantitis herbergen een groter aantal bacteriën die bekend staan om hun betrokkenheid bij peri-implantaire ontstekingsziekten, terwijl langdurig stabiele implantaten geassocieerd zijn met een flora die beter verenigbaar is met orale gezondheid. Hoewel de resultaten gebaseerd zijn op een beperkte steekproef, benadrukken zij het belang van biofilmcontrole en peri-implantaire opvolging bij het beheer van complexe implantologische rehabilitaties.
