Bibliografie
Nieuwe verankerings zones voor patiëntspecifieke eendelige subperiostale implantaten met rigide fixatie voor de dentale revalidatie van ernstige defecten van de bovenkaak en het middengezicht
- 18 december 2025
- Geplaatst door: anjaform
- Categorie: Klinische Studies en Casusrapporten
Nils-Claudius Gellrich, Philippe Korn, Philipp Jehn, Fritjof Lentge, Michael-Tobias Neuhaus, Björn Rahlf.
Full text link: https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/41413547/
Nieuwe verankerings zones voor patiëntspecifieke eendelige subperiostale implantaten met rigide fixatie voor de dentale revalidatie van ernstige defecten van de bovenkaak en het middengezicht
1. Wetenschappelijke referentie
- Titel van de studie: Innovative Landing Zones for One-Piece, Rigidly Fixated Patient-Specific Subperiosteal Implants in Dental Rehabilitation of Severe Maxillary and Midfacial Defects
- Auteurs: Nils-Claudius Gellrich, Philippe Korn, Philipp Jehn, Fritjof Lentge, Michael-Tobias Neuhaus en Björn Rahlf.
- Wetenschappelijk tijdschrift: Head & Face Medicine.
- Publicatiejaar: 2025 (Open Access-publicatie verschenen in jaargang 22, artikel 7, 2026).
- DOI: 10.1186/s13005-025-00549-y.
2. Wetenschappelijke achtergrond
De implantologische revalidatie van patiënten met uitgebreide defecten van de bovenkaak of het middengezicht behoort tot de meest complexe uitdagingen binnen de moderne mond-, kaak- en aangezichtschirurgie. Traditioneel worden deze patiënten behandeld met botreconstructies door middel van gevasculariseerde of niet-gevasculariseerde bottransplantaten, gevolgd door de plaatsing van endossale implantaten. Het succes van deze behandelingen is echter afhankelijk van voldoende botvolume en gunstige weke delen, omstandigheden die vaak ernstig zijn aangetast na oncologische resecties, radiotherapie of complexe aangezichtstrauma’s.
Patiëntspecifieke subperiostale implantaten vormen een alternatief voor situaties waarin conventionele reconstructieve technieken onvoldoende mogelijkheden bieden. Dankzij driedimensionale digitale planning, CAD/CAM-ontwerp en additieve productie kunnen implantaten worden vervaardigd die nauwkeurig aansluiten op de resterende anatomie van de patiënt. In deze studie breiden de auteurs dit concept verder uit door nieuwe verankeringspunten te introduceren ter hoogte van de laterale schedelbasis en de processus pterygoidei, met als doel een rigide fixatie te realiseren, zelfs bij ernstig botverlies.
3. Doel van de studie
Het doel van deze casusreeks was de klinische haalbaarheid te onderzoeken van een geavanceerd ontwerp van IPS Implants® Preprosthetic-implantaten, waarbij aanvullende implantaatuitlopers werden aangebracht richting de laterale schedelbasis en/of de processus pterygoidei. De auteurs wilden beoordelen of deze nieuwe verankeringszones voldoende primaire stabiliteit konden bieden voor de prothetische revalidatie van patiënten met ernstige defecten van de bovenkaak en het middengezicht, bij wie de conventionele benige steunpunten biomechanisch onvoldoende draagkracht boden.
4. Methodologie
Deze publicatie betreft een monocentrische observationele casusreeks, waarin een verder ontwikkeld ontwerp van patiëntspecifieke IPS Implants® Preprosthetic werd geëvalueerd. De geïncludeerde patiënten werden tussen 2020 en 2024 behandeld op de afdeling Mond-, Kaak- en Aangezichtschirurgie van de Medizinische Hochschule Hannover. De studie werd uitgevoerd overeenkomstig de Verklaring van Helsinki en goedgekeurd door de bevoegde ethische commissie (dossiernummer 8552_BO_K_2019).
Van de 100 patiënten die gedurende een periode van negen jaar met patiëntspecifieke subperiostale implantaten werden behandeld, voldeden 13 patiënten aan de inclusiecriteria voor deze analyse. Bij alle geselecteerde patiënten toonde de preoperatieve Finite Element Method (FEM)-analyse aan dat de conventionele verankeringszones van de bovenkaak onvoldoende biomechanische stabiliteit boden. Daarom werd het implantaatontwerp individueel aangepast met extra extensies naar de laterale schedelbasis, de processus pterygoidei of beide anatomische regio’s.
De preoperatieve planning was gebaseerd op CBCT-beeldvorming, gecombineerd met een prothetisch gestuurde backward planning. De implantaten werden ontworpen met behulp van CAD/CAM-technologie en vervaardigd via selectief lasersmelten. De geëvalueerde uitkomstmaten omvatten onder meer de primaire implantaatstabiliteit, het succes van de prothetische revalidatie, intra- en postoperatieve complicaties, eventuele correcties van de weke delen, infecties, implantaatfracturen en het herstel van de kauwfunctie. De follow-up varieerde van 9 tot 52 maanden, met een mediane follow-upduur van 37,5 maanden.
5. Belangrijkste resultaten
De dertien geïncludeerde patiënten vertoonden uiterst complexe klinische situaties. In de meeste gevallen ging het om uitgebreide defecten na oncologische resecties. Daarnaast omvatte de studie patiënten met ernstige aangezichtstrauma’s, uitgesproken bovenkaakatrofie, ectodermale dysplasie en eerdere mislukkingen van conventionele reconstructieve of implantologische behandelingen. Bij alle patiënten bevestigde de FEM-analyse dat de gebruikelijke benige steunpunten onvoldoende biomechanische stabiliteit konden garanderen, waardoor aanvullende verankeringszones noodzakelijk waren.
De configuratie van de implantaatuitlopers werd aangepast aan de anatomie van elk individueel defect. Acht patiënten kregen een unilaterale extensie naar de laterale schedelbasis, terwijl bij één patiënt met een ernstig traumatisch defect een bilaterale fixatie noodzakelijk was. In meerdere gevallen werden daarnaast unilaterale of bilaterale extensies naar de processus pterygoidei toegevoegd om de biomechanische belasting nog beter te verdelen.
Tijdens de follow-up werden geen mechanische implantaatfalen vastgesteld. Bij alle patiënten werd voldoende primaire stabiliteit bereikt om de geplande prothetische revalidatie succesvol uit te voeren. Er traden geen secundair stabiliteitsverlies of peri-implantitis op. Wel werden incidenteel gevallen van mucositis rond de posterieure implantaatpijlers beschreven. Bij één patiënt moest de prothetische brugconstructie worden aangepast als gevolg van veranderingen in de weke delen, zonder verlies van implantaatfunctie. Eén implantaat werd verwijderd wegens chronische pijn in combinatie met een infectie. Tijdens de observatieperiode overleden twee patiënten; in de studie wordt geen verband gelegd tussen deze overlijdens en de implantologische behandeling.
6. Klinische analyse
De belangrijkste bijdrage van deze studie ligt niet in de ontwikkeling van een nieuw implantaatmateriaal, maar in de introductie van een nieuw biomechanisch verankeringsconcept voor patiëntspecifieke subperiostale implantaten. De auteurs stellen voor om de fixatie uit te breiden naar de laterale schedelbasis en de processus pterygoidei, waarbij gebruik wordt gemaakt van anatomische structuren die ook bij uitgebreide defecten een hoge mechanische stabiliteit behouden. Hierdoor kan een rigide fixatie worden bereikt wanneer de klassieke benige steunpunten van de bovenkaak ernstig zijn aangetast door oncologische resecties, radiotherapie of complexe aangezichtstrauma’s.
Vanuit klinisch perspectief vertegenwoordigt deze benadering een andere reconstructieve strategie dan de conventionele aanpak. In plaats van eerst het verloren botvolume te reconstrueren met bottransplantaten of microvasculaire vrije lappen om vervolgens endossale implantaten te plaatsen, wordt de behandeling gebaseerd op een volledig patiëntspecifiek implantaat dat is ontworpen om zich optimaal aan te passen aan de resterende anatomie. De positie, lengte en oriëntatie van de implantaatpijlers worden bepaald door de prothetische doelstellingen en niet uitsluitend door de beschikbare botstructuur.
De studie onderstreept bovendien het toenemende belang van digitale technologieën binnen de reconstructieve implantologie. De combinatie van driedimensionale CBCT-beeldvorming, prothetisch gestuurde planning, CAD/CAM-ontwerp, Finite Element Method (FEM)-analyse en – in geselecteerde gevallen – navigatiegeassisteerde chirurgie maakt een zeer nauwkeurige en individueel afgestemde behandeling mogelijk. Volgens de auteurs draagt deze digitale workflow wezenlijk bij aan de voorspelbaarheid van de chirurgische ingreep en de biomechanische optimalisatie van het implantaatontwerp.
De resultaten dienen echter met de nodige voorzichtigheid te worden geïnterpreteerd. Deze publicatie toont in de eerste plaats de technische haalbaarheid van dit implantaatconcept aan bij een beperkte groep zorgvuldig geselecteerde patiënten. Op basis van de beschikbare gegevens kan geen uitspraak worden gedaan over een klinische meerwaarde ten opzichte van bestaande reconstructieve technieken.
7. Klinische toepassingen
De beschreven techniek is in de eerste plaats bedoeld voor patiënten met zeer complexe defecten van de bovenkaak en het middengezicht, bij wie conventionele implantologische behandelingen geen stabiele verankering kunnen bieden vanwege een ernstig tekort aan geschikt bot.
De door de auteurs beschreven potentiële indicaties omvatten onder andere:
- uitgebreide bovenkaakdefecten na oncologische resecties;
- gecombineerde defecten van de bovenkaak en het middengezicht, al dan niet na radiotherapie;
- ernstige bovenkaakatrofie waarbij de klassieke benige steunpunten onvoldoende biomechanische stabiliteit bieden;
- complexe posttraumatische defecten van het middengezicht;
- patiënten bij wie eerdere botreconstructies of conventionele implantologische behandelingen zijn mislukt;
- volledig digitaal geplande reconstructieve behandelingen op basis van CAD/CAM-technologie en patiëntspecifieke biomechanische optimalisatie.
De auteurs presenteren deze techniek nadrukkelijk niet als vervanging van de bestaande reconstructieve behandelmethoden. Zij beschouwen de uitbreiding van de verankeringszones naar de laterale schedelbasis en de processus pterygoidei als een aanvullende therapeutische mogelijkheid voor zorgvuldig geselecteerde patiënten met ernstig botverlies. Een succesvolle toepassing vereist een uitgebreide driedimensionale diagnostiek, een volledig patiëntspecifieke digitale planning en behandeling binnen gespecialiseerde centra voor mond-, kaak- en aangezichtschirurgie.
8. Bewijsniveau, beperkingen en transparantie
Deze publicatie betreft een monocentrische casusreeks en levert daarmee een eerste niveau van klinisch bewijs voor de haalbaarheid van een nieuw concept van patiëntspecifieke subperiostale implantaten. Aangezien het een observationele studie betreft zonder controlegroep, randomisatie of directe vergelijking met conventionele reconstructieve technieken, moeten de resultaten als voorlopig worden beschouwd. De mediane follow-up van 37,5 maanden verschaft waardevolle informatie over de middellangetermijnprestaties van het implantaatsysteem, maar laat geen definitieve conclusies toe over de langetermijneffectiviteit.
De auteurs wijzen op verschillende methodologische beperkingen. De belangrijkste beperking is de kleine onderzoekspopulatie, bestaande uit slechts 13 patiënten die werden geselecteerd uit een institutionele cohorte van 100 behandelde patiënten. Daarnaast was de patiëntengroep klinisch sterk heterogeen en omvatte zij onder meer patiënten met oncologische defecten, ernstige aangezichtstrauma’s, uitgesproken bovenkaakatrofie, ectodermale dysplasie en eerdere mislukte reconstructieve behandelingen. Deze heterogeniteit beperkt de generaliseerbaarheid van de resultaten en maakt robuuste statistische vergelijkingen onmogelijk.
Wat de transparantie betreft, onderzoekt de studie het IPS Implants® Preprosthetic-systeem van KLS Martin®, dat tevens wordt gebruikt binnen de beschreven digitale ontwerp- en productieprocedure. In de beschikbare publicatie wordt geen expliciete verklaring over belangenconflicten of industriële financiering vermeld, waardoor hierover op basis van de beschikbare gegevens geen verdere conclusies kunnen worden getrokken.
9. Belangrijkste punten van de studie
- Studieopzet: monocentrische observationele casusreeks.
- Bewijsniveau: laag tot matig (casusreeks).
- Onderzoekspopulatie: 13 patiënten geselecteerd uit een cohorte van 100 patiënten behandeld met patiëntspecifieke subperiostale implantaten.
- Aantal implantaten: 13 individueel ontworpen implantaten met uitgebreide verankeringsstructuren.
- Follow-up: 9 tot 52 maanden (mediane follow-up: 37,5 maanden).
- Primair eindpunt: beoordeling van de klinische haalbaarheid van aanvullende fixatie aan de laterale schedelbasis en/of de processus pterygoidei.
- Digitale workflow: CBCT-beeldvorming, prothetisch gestuurde planning, CAD/CAM-ontwerp, Finite Element Method (FEM)-analyse, vervaardiging via selectief lasersmelten en, in geselecteerde gevallen, navigatiegeassisteerde chirurgie.
- Belangrijkste resultaat: bij alle patiënten werd onmiddellijke primaire stabiliteit bereikt en kon de geplande prothetische revalidatie succesvol worden uitgevoerd; tijdens de follow-up trad geen mechanisch implantaatfalen op.
- Gerapporteerde complicaties: incidentele mucositis, aanpassing van een prothetische brugconstructie als gevolg van veranderingen in de weke delen en verwijdering van één implantaat wegens chronische pijn in combinatie met een infectie.
- Wetenschappelijke conclusie: patiëntspecifieke subperiostale implantaten met aanvullende verankering aan de laterale schedelbasis en de processus pterygoidei vormen een technisch haalbare reconstructieve optie voor zorgvuldig geselecteerde patiënten met ernstige defecten van de bovenkaak en het middengezicht.
- Belangrijkste beperkingen: kleine steekproef, ontbreken van een controlegroep, klinisch heterogene patiëntengroep en afwezigheid van vergelijkende studies.
10. Wetenschappelijke impact
Deze studie levert een waardevolle bijdrage aan de wetenschappelijke literatuur over patiëntspecifieke subperiostale implantaten door een nieuw biomechanisch verankeringsconcept te introduceren voor de revalidatie van patiënten met ernstige defecten van de bovenkaak en het middengezicht. De belangrijkste innovatie ligt niet in de ontwikkeling van een nieuw implantaatmateriaal, maar in het benutten van alternatieve anatomische fixatiepunten ter hoogte van de laterale schedelbasis en de processus pterygoidei. Hierdoor kan een rigide fixatie worden gerealiseerd wanneer de conventionele benige steunpunten van de bovenkaak onvoldoende stabiliteit bieden.
De studie bouwt voort op de eerdere klinische ervaring van de auteurs met IPS Implants® Preprosthetic en verruimt het toepassingsgebied van deze patiëntspecifieke implantaten naar bijzonder complexe reconstructieve situaties. Een belangrijk wetenschappelijk aspect is de systematische integratie van de Finite Element Method (FEM) in het digitale ontwerpproces. Door de biomechanische belasting reeds vóór de operatie te simuleren, kan het implantaat individueel worden geoptimaliseerd op basis van de anatomische kenmerken van de patiënt. Dit onderstreept de evolutie naar een steeds meer gepersonaliseerde en digitaal ondersteunde implantologische behandeling.
Daarnaast benadrukt de publicatie het groeiende belang van volledig digitale behandeltrajecten binnen de reconstructieve mond-, kaak- en aangezichtschirurgie. De combinatie van CBCT-beeldvorming, prothetisch gestuurde planning, CAD/CAM-ontwerp, additieve productie en navigatiegeassisteerde chirurgie illustreert hoe moderne digitale technologieën kunnen bijdragen aan een hogere chirurgische nauwkeurigheid en een betere afstemming van de behandeling op de individuele anatomie van de patiënt.
Gezien het beperkte bewijsniveau dienen de resultaten echter te worden beschouwd als een proof of concept. Grotere prospectieve, multicentrische en vergelijkende onderzoeken zijn noodzakelijk om de klinische effectiviteit, reproduceerbaarheid en langetermijnbetrouwbaarheid van dit innovatieve verankeringsconcept definitief vast te stellen.
11. Redactionele conclusie
Deze casusreeks beschrijft een innovatieve uitbreiding van het concept van patiëntspecifieke subperiostale implantaten voor de revalidatie van ernstige defecten van de bovenkaak en het middengezicht. Door aanvullende fixatiepunten aan de laterale schedelbasis en de processus pterygoidei te integreren, laten de auteurs zien dat een stabiele implantaatverankering ook mogelijk kan zijn bij patiënten met een zeer beperkt resterend botvolume. De combinatie van driedimensionale digitale planning, biomechanische simulatie met behulp van de Finite Element Method en CAD/CAM-productie illustreert het potentieel van gepersonaliseerde implantologie binnen de moderne reconstructieve mond-, kaak- en aangezichtschirurgie.
Hoewel de gerapporteerde klinische resultaten veelbelovend zijn, blijft het bewijsniveau beperkt door het observationele karakter van de studie, de kleine patiëntengroep en de heterogeniteit van de behandelde casussen. Daarom moet deze techniek op dit moment worden beschouwd als een gespecialiseerde reconstructieve optie voor zorgvuldig geselecteerde patiënten, uitgevoerd in centra met ruime expertise in complexe implantologische en reconstructieve chirurgie. Toekomstige prospectieve en vergelijkende klinische studies zullen moeten uitwijzen welke plaats deze nieuwe verankeringsstrategie uiteindelijk zal innemen binnen de reconstructieve implantologie.
